Nieuws


 

Werken aan de business case van duurzame leidingisolatie

Naar aanleiding van de deelname van D&D Isoltechnics aan het traject Business Model Innovatie, georganiseerd door miK met de steun van de Provincie Vlaams-Brabant, interviewt MVO Vlaanderen zaakvoerder Yves Desmet. We vragen hem naar zijn belangrijkste beweegredenen om het leerparcours af te leggen en wat hij hieruit heeft meegenomen.

MVO Vlaanderen: Laat ons beginnen bij het begin – wat doet D&D Isoltechnics precies?

Yves Desmet: D&D Isoltechnics is een dienstenbedrijf gespecialiseerd in het plaatsen van thermische en akoestische isolatie rond leidingen en luchtkanalen. Wij doen dit meestal in onderaanneming voor chauffagisten en loodgieters die zelf de buizen leggen, waarna wij de leidingen isoleren. We doen dit met een dertigtal arbeiders, die worden aangestuurd door 5 bedienden. Daarnaast werken we nog met een 15-tal zelfstandige onderaannemers.

MVO Vlaanderen: Was uw uiteindelijke deelname ingegeven vanuit een specifieke overtuiging om u te engageren voor MVO?

Yves Desmet: Het was voor ons niet alleen een interessante oefening, maar ook ingegeven vanuit een zekere noodzaak. D&D Isoltechnics is een dienstenbedrijf; wij plaatsen vooral andermans producten. Isoleren is een niet-erkend beroep in de bouwsector, wat ertoe leidt dat iedereen het eigenlijk kan doen (en ook doet). Wanneer je hiermee geconfronteerd wordt als bedrijf moet je jezelf de vraag stellen of die situatie zo kan blijven duren. Toegegeven, wij hebben een zekere schaalgrootte waardoor we over een flexibiliteit beschikken die kleinere bedrijven misschien niet aan de dag kunnen leggen (waardoor we bijvoorbeeld meerdere werven tegelijk aankunnen), maar de vraag is of dat binnen vijf jaar nog zo zal zijn. Dan maak je jezelf de bedenking: als we nu niets doen, in de zin van diversifiëren, dan verliezen we binnen afzienbare tijd ons concurrentieel voordeel. Dat diversifiëren kan op twee manieren: ofwel commercieel, bv. door te internationaliseren; ofwel door diversificatie op productbasis, door unieke producten te ontwikkelen en aan te bieden. Dat is het economische aspect.

Er is echter ook nog een ander aspect dat vast en zeker even belangrijk is. Isolatiemateriaal bestaat al altijd in hoofdzaak uit minerale wol, waarvan de productie wordt gedomineerd door een beperkt aantal fabrikanten. Bovendien zijn deze producten bezwaarlijk gezond te noemen; meestal zijn het vezelachtige materialen die longfibroses kunnen veroorzaken, en ook kankerverwekkende stoffen zoals fenol bevatten. Dan sla je als bedrijfsleider toch aan het denken: dit is nog altijd niet optimaal, en technisch moet dit toch beter, gezonder en ecologischer kunnen.

Vanuit die dubbele insteek heb ik deelgenomen aan het leertraject BMI, waarin deze bedreigingen samen met de opportuniteiten die daaraan gekoppeld zijn, in kaart worden gebracht om dan te kijken: wat is ‘de weg naar voor’?

Het leertraject Business Model Innovatie heeft ons in de eerste plaats geholpen om tijd vrij te maken om gestructureerd na te denken, en niet te focussen op moeilijkheden en wat niet kan, maar het geheel te zien en op zoek te gaan naar de potentiële voordelen.

MVO Vlaanderen: Het was dus hoofdzakelijk vanuit deze dubbele optiek, enerzijds het economische aspect en de prijsdruk veroorzaakt door concurrentie zoals u aangeeft, en anderzijds het product zelf dat een stuk ecologischer kan, dat u heeft deelgenomen aan BMI. Hoe bent u precies geholpen tijdens het leertraject, en wat was het uiteindelijke resultaat?

Daar is voor ons een visie uit voortgekomen, die stelt dat we aan leidingisolatie kunnen doen op een esthetische manier, zoals onze klant wil, maar ook zonder economische en ecologische manier compromissen. Het resultaat is dat we nu drie patenten hebben aangevraagd om leidingisolatie duurzamer te maken. We onderzoeken een nieuw soort ecologische leidingisolatie én ontwikkelen ook een sensor die het mogelijk maakt om op een niet-destructieve, goedkope en eenvoudige manier te meten of er zich condens tussen isolatie en leidingen bevindt. Onze bedoeling is om op tijd te kunnen ontdekken dat er zich een probleem vormt, om dan de isolatie te kunnen vervangen. Op dat vlak blijven we dan wel een dienstenbedrijf, maar dan niet gebaseerd op volume, wel gespecialiseerd in preventief onderhoud. Zo wordt vermeden dat een koelinstallatie door slecht geplaatste isolatie gaat corroderen, en in zijn totaliteit vervangen moet worden.

MVO Vlaanderen: U had het daarnet over twee bedreigingen; de prijsdruk enerzijds en de bezwaarlijke ecologische reputatie anderzijds. Veel bedrijven worden afgeschrikt door het begrip duurzaamheid, omdat ze denken dat het de uiteindelijke kost zal verhogen. Heeft u er vertrouwen in dat bijvoorbeeld het ontwikkelen van een nieuw soort isolatieproduct te rijmen valt met de andere bedreiging, zijnde de prijsdruk, waardoor men op een duurzame manier aan isolatie kan doen?

Yves Desmet: We zijn er ons van bewust dat het uiteindelijke resultaat eenzelfde prijs moet hebben. Op ecologisch vlak willen we ons niet beperken tot het gebruik van ecologische materialen voor de leidingisolatie, maar de totale ecologische impact van begin tot eind in rekening nemen. Neem nu minerale wol, wat nog steeds vaak wordt gebruikt binnen de sector: er zijn weinig gegevens bekend over de ecologische impact tijdens de productie, aangezien vaak wordt gesteld dat de isolatiewaarde op zich genoeg energie bespaart waardoor de productiewaarde verondersteld wordt verwaarloosbaar te zijn. Verondersteld is hier het sleutelwoord, gezien niemand het écht weet. Dan spreken we dan nog niet van de gezondheidskosten!

Daarnaast is onze grootste kost vaak de arbeidskost. Wanneer een chauffagist de buizen heeft gelegd, dan zijn deze reeds getransporteerd naar de werf, daar opgeslagen, omhoog gebracht met een hoogtewerkeren daarna komt de isoleerder nog eens met hetzelfde transport naar dezelfde werf, om dezelfde hoogtewerker te gebruiken en op dezelfde plaats te geraken. Als je de hele keten dan bekijkt, dan is dit niet efficiënt. In de economie hebben ze daar een term voor, de ‘total cost of ownership’, waarbij de hele keten van de productie t.e.m. het functionele en zelfs onderhoud bekeken wordt, om dan een systeem te creëren dat op een verantwoorde manier rekening houdt met al deze verschillende stappen. Een oplossing kan bv. zijn om voorgeïsoleerde leidingen aan te bieden, zodat alle hordes maar één keer moeten worden genomen. Vandaag is dat nog niet mogelijk, maar het is een interessante piste is om verder te onderzoeken.

Wij willen een systeem creëren dat de hele keten in rekening brengt, de ‘total cost of ownership’; van productie t.e.m. het functionele en zelfs onderhoud. Als we dat kunnen doen, dan hebben we een niet te miskennen unique selling proposition waarmee we zonder zorgen de toekomst kunnen verzekeren. MVO Vlaanderen: U gaf aan dat jullie vaak in onderaanneming werken voor grote bedrijven; merkt u dat er, op vlak van duurzaamheid, een vraag is van die bedrijven naar jullie toe omtrent de materialen waarmee jullie werken en jullie visie op duurzaamheid?

Yves Desmet: Dat komt absoluut niet aan bod, wat grotendeels te wijten is aan het aanbestedingsprincipe die de economisch meest voordelige offerte verkiest. Nu zien we wel dat er hier en daar bvb. ziekenhuizen worden gebouwd volgens BREEAM, een normering die de duurzaamheidsklasse van een gebouw berekent. Dit houdt in dat enkel materialen mogen worden gebruikt die in een welbepaalde ‘green’ of ‘sustainable list’ voorkomen, en van dat alles wordt de totale CO2-footprint van de constructie berekend. Alleen is er op dit moment een zogenaamde toelaatbare marge van 20% en valt leidingisolatie daar jammer genoeg onder. Waardoor er nog steeds niet-ecologische materialen zijn toegelaten gezien deze als verwaarloosbaar worden geacht ten opzichte van de andere bouwmaterialen. Dit zorgt ervoor dat studiebureaus en andere partijen zich nog vaak hoofdzakelijk baseren op het technische engineering het economische. Leidingisolatie is bovendien ook bij uitstek onzichtbaar, dus een bedrijf dat zich als groen wil profileren zal eerder kiezen voor fotovoltaïsche panelen of een windmolen.

Daarom is er volgens mij dan ook meer nood aan aanvullende duurzaamheidscertificering voor leidingisolatie.

MVO Vlaanderen: Wat zou u tot slot, gebaseerd op uw ervaringen, willen meegeven aan de lezers van MVO Vlaanderen?

Yves Desmet: Wat ik vooral heb geleerd, is dat duurzaamheid niet noodzakelijk moet worden gezien als een beperking, maar dat het ook een strategisch voordeel, een unique selling proposition kan opleveren voor het bedrijf. Het belangrijkste is echter om de tijd te nemen en hierbij stil te staan en erover na te denken, ook voor kleine bedrijven.

Het leertraject BMI was in die zin ontzettend leerrijk, mede omdat je als KMO vaak nood kan hebben aan iemand die je hierin begeleidt en de juiste vragen stelt. Het heeft ons geleerd dat het niet nodig is om compromissen te sluiten tussen energiebesparing en het werken met een vervuilend product, maar dat mogelijk is om alles congruenter en authentieker te maken en zodoende als bedrijf te staan voor duurzaamheid van A tot Z!